Veelgestelde vragen

Wat is Windplanblauw?

Windplanblauw is het plan voor het bouwen van nieuwe en saneren van huidige windturbines in het noordwesten van Flevoland. In Windplanblauw bouwen initiatiefnemers SwifterwinT (BV) en Nuon 61 windturbines met een totaal verwacht opgesteld vermogen tussen 220 MW en 275 MW. In totaal ruimen de initiatiefnemers de (74) turbines in het gebied op.

Welke partijen zijn bij Windplanblauw betrokken?

SwifterwinT en Nuon Wind zijn de initiatiefnemers. De ministeries van Economische Zaken en Klimaat en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn het bevoegde gezag. spelen de lokale overheden gemeenten Dronten en Lelystad, provincie Flevoland, Waterschap Zuiderzeeland en het Rijk een belangrijke rol.

Daarnaast hebben de initiatiefnemers en het Rijk eind 2016 een zogeheten klankbordgroep ingesteld. In deze klankbordgroep geven belangenvertegenwoordigers uit het gebied gevraagd en ongevraagd advies aan de bij Windplanblauw betrokken partijen.

Waar komen de turbines?

Op onderstaande kaart kunt u de voorziene locaties van de turbines zien:

Hoe groot zijn de turbines?

De maximale hoogte hangt af van de locatie van de te plaatsen turbines. De turbines ten westen van Swifterbant en buitendijks in het IJsselmeer krijgen een maximale hoogte van 213 meter. Deze hoogte houdt verband met de vliegroute voor kleine luchtvaart langs de A6. De beoogde maximale tiphoogte van turbines ten oosten van Swifterbant is 248 meter. Het is op dit moment nog een discussiepunt met luchtvaart of deze hoogte wel acceptabel is vanuit vliegveiligheid.

Waarom komen hier zulke hoge turbines?

De hoogte van deze turbines is vergelijkbaar met de voorziene hoogte van windmolens op andere locaties in Nederland die op dit moment worden ontwikkeld. Windturbines worden steeds efficiënter en produceren steeds meer duurzame energie, mede omdat zij door een grotere hoogte gebruik kunnen maken van meer wind.

Wanneer worden de turbines gebouwd?

Volgens de huidige planning bouwen SwifterwinT en Nuon de turbines vanaf eind 2020. De nieuwe turbines zullen vanaf 2021 energie opwekken.

Wat gebeurt er met de huidige turbines?

Doel van het plan is het weghalen of saneren van uiteindelijk alle 74 turbines die nu in het gebied staan. Het moment van saneren van de huidige turbines is afhankelijk van de ingebruikname van de nieuwe turbines en de subsidiebeschikking. Volgens planning zijn medio 2023 zijn alle huidige turbines weggehaald.

Is het zeker dat het plan er komt?

De initiatiefnemers doorlopen op dit moment de planologische fase. Deze fase is nodig om de benodigde vergunningen te krijgen en om het inpassingsplan (het bestemmingsplan op, in dit geval, Rijksniveau) op te stellen om het Windplan mogelijk te maken. De planologische fase is formeel afgerond als alle eventuele beroepen tegen het plan zijn afgehandeld door de Raad van State en het plan ‘onherroepelijk’ wordt vastgesteld. Dit is voorzien voor de zomer van 2019.

De initiatiefnemers doorlopen na de planologische fase de aanbestedingsfase. Dan moeten overeenkomsten worden gesloten voor de bouw en exploitatie van het windpark. Volgens planning ronden SwifterwinT en Nuon deze fase medio 2020 af.

Waarom willen jullie turbines bouwen in het Swifterbos?

Het realiseren van twee turbines in het Swifterbos heeft een aantal voordelen ten opzichte van een andere locatie. De keuze voor het plaatsen van turbines in het Swifterbos leidt niet tot meer overlast voor omwonenden.

Staatsbosbeheer is positief over deze locatie, zij profiteert op deze wijze mee van de komst van Windplanblauw. Daardoor ziet Staatsbosbeheer kansen voor verwezenlijken van haar doelstellingen. Er kunnen nieuwe recreatiemogelijkheden komen zonder dat daar natuur voor hoeft te worden aangetast. Ook ontstaat meer ruimte voor natuurontwikkeling , verduurzaming en communicatie activiteiten richting de achterban.

Wij onderzoeken de precieze effecten van plaatsing van twee turbines in het Swifterbos en zullen deze in het voorjaar publiceren.

Ik maak me zorgen over geluid, hoe zit dat?

Volgens de zogeheten Lden norm is vastgesteld hoeveel windmolengeluid er gemiddeld per jaar op de gevel van uw huis is toegestaan. De afkorting Lden staat voor Level day-evening-night en geeft uitdrukking aan een berekening van de geluidsbelasting door omgevingsgeluid. Hierbij wordt rekening gehouden met verschillende dagdelen (dag, avond en nacht). Omgevingsgeluid wordt ’s avonds en ’s nachts als hinderlijker ervaren dan overdag, omdat het in die periodes buiten stiller is en het geluid van bijvoorbeeld een windmolen daardoor meer opvalt. De norm die ’s nachts geldt is daarom strenger dan overdag, en wordt uitgedrukt in Lnight. In de Wet Milieubeheer is beschreven dat een windturbine gemiddeld per jaar niet meer geluid mag maken dan Lden 47 dB (A) (decibel) op de gevel van uw huis. Dit is vergelijkbaar met 40 à 41 decibel.

Ter vergelijking: regen produceert een geluid van 50 dB, net als een koelkast. Een koffiezetapparaat en een elektrische tandenborstel produceren 55 dB. ’s Avonds en ’s nachts wordt een strengere norm gehanteerd en mag er jaarlijks gemiddeld slechts Lnight 41 dB (A) geluid op de gevel van uw huis komen. Qua decibellen zit dit tussen de stilte in een bibliotheek en het gefluit van vogels bij zonsopkomst in.

Windplanblauw voldoet aan de normen voor windmolen geluid, deze zijn randvoorwaardelijk voor keuze van het Voorkeursalternatief.

Wij onderzoeken nu tot in detail de effecten van het voorkeursalternatief op geluid, deze zijn naar verwachting in het voorjaar van 2018 bekend en zullen wij dan aan u presenteren.

Ik maak me zorgen over slagschaduw, hoe zit dat?

Als de zon op de mast en de rotor van een windturbine schijnt, veroorzaakt dit een (bewegende) schaduw die in de loop van de dag met de zon meedraait. Dit wordt slagschaduw genoemd. Als slagschaduw op het raam van een woning valt, kan de wisseling tussen schaduw en zon hinderlijk zijn, doordat deze wordt ervaren als flikkering. De kans dat slagschaduw voorkomt is in het voor- en najaar het grootst, omdat dan de zon wat lager aan de hemel staat.

De wet schrijft voor dat de hinder  door slagschaduw maximaal 20 minuten per dag op maximaal 17 dagen per jaar mag bedragen. In totaal dus minder dan zes uur per jaar.

Windplanblauw voldoet aan de wettelijke normen voor slagschaduw, als deze overschreden worden zetten wij de betreffende turbine(s) stil.

Wij onderzoeken nu tot in detail waar slagschaduw wanneer op treedt, de resultaten hiervan zijn naar verwachting in het voorjaar van 2018 bekend en zullen wij dan aan u presenteren.

Hoe zit het met verlichting?

Windmolens met een tiphoogte van meer dan 150 meter, zoals in het geval van Windplanblauw, worden voorzien van verlichting als ze op de hoekpunten van het park staan. ’s-Nachts met statische rode verlichting en overdag met knipperende witte lichten. Voor zover bekend heeft de verlichting van windturbines geen effect op de volksgezondheid.

Op basis waar van zijn jullie tot dit voorkeursalternatief gekomen?

Het voorkeursalternatief is gekozen op basis van een afweging op milieu, techniek, omgeving en financiële haalbaarheid. Randvoorwaardelijk daarbij is uiteraard relevante wet- en regelgeving, bijvoorbeeld voor geluid en slagschaduw. Die (wettelijke) beperkingen zijn dus niet onderscheidend voor keuze van het voorkeursalternatief.

Voor milieu is onder anderen gekeken naar ecologie (Natura 2000 en effecten op vogels), landschap en archeologie. Voor techniek zijn mogelijkheden voor type turbines op deze locatie onderzocht. Voor financiële haalbaarheid is een inschatting gemaakt van de business case en daarbij de verhouding tussen verwacht risico en rendement.

Het voorkeursalternatief wordt in detail op een flink aantal milieu effecten verder onderzocht. De onderzoeksresultaten publiceren wij in het voorjaar en zullen wij bij u onder de aandacht brengen. Dan kunt u ook, met een zienswijze, reageren op de plannen. Om op de hoogte te blijven kunt u zich abonneren op de nieuwsbrief.

Ik wil graag mee doen, wat zijn mijn mogelijkheden?

De participatiemogelijkheden zijn zo gekozen dat bewoners en ondernemers op verschillende manieren kunnen profiteren van de opbrengsten van het windpark. De exacte vorm van participatie en stroomafname door de lokale omgeving werken de initiatiefnemers nog verder uit met lokale overheden en vertegenwoordigers uit de omgeving. De opties en instapmomenten zien er als volgt uit:

Profiteert het gebied ook mee zonder dat daar een investering voor nodig is?

Ja, de initiatiefnemers storten een jaarlijkse bijdrage van €1050,- per opgestelde MW in een gebiedsfonds. Dit komt neer op een totale bijdrage van ca. €250.000,- per jaar. Het fonds heeft als doel een “aantoonbare en uitvoerbare kwaliteitsverbetering van de omgeving in de vorm van fysieke, maatschappelijke voorzieningen voor natuur, recreatie of cultuur” voor bewoners in het projectgebied en van de omliggende kernen.  De lokale overheden en de initiatiefnemers spreken nog over nadere invulling van de bestedingsdoelen.

Ik wil nog wat van dit plan vinden, hoe kan dat?

Dat kan op verschillende momenten. Op de inloopbijeenkomsten kunt u een reactie geven op het Voorkeursalternatief en in gesprek gaan met vertegenwoordigers van initiatiefnemers en overheden. Uw reactie nemen wij zo veel mogelijk mee in de verdere procedure. De onderzoeken die worden uitgevoerd, de vergunningen die worden afgegeven en het inpassingsplan dat wordt vastgesteld publiceren wij in het voorjaar van 2018 en liggen dan 6 weken ter inzage. Iedereen kan dan een zienswijze indienen op de plannen.

Wat gebeurt er met mijn reactie op de informatie bijeenkomsten?

SwifterwinT en Nuon verzamelen de gegeven reacties en zullen daar antwoord op geven in de nieuwsbrief Windplanblauw.

Ik wil op de hoogte blijven van dit plan, hoe kan dat?

Volg de website www.windplanblauw.nl, daar kunt u zich ook aanmelden voor de nieuwsbrief.

Wat is de rol van het Milieueffectrapport?

Het milieueffectrapport (MER) brengt de effecten van het windpark op de omgeving in beeld en speelt een belangrijke rol bij de besluitvorming over het windpark. Er wordt frequent naar verwezen in het inpassingsplan en de vergunningen.

Welke overheid is nu verantwoordelijk voor wat?

De minister van Economische Zaken en Klimaat en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties nemen het ruimtelijke besluit (inpassingsplan).

De minister van Economische Zaken en Klimaat coördineert de vergunningenprocedures en is verantwoordelijk voor de afhandeling van alle aanvragen.

De Provincie Flevoland is bevoegd gezag voor de Wet natuurbescherming (= oude natuurbeschermingswet en de oude Flora- en Faunawet)

De Gemeenten zijn bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning. De omgevingsvergunning omvat onder meer de milieuvergunning, bouwvergunning en de gebruiksvergunning.

Hoe wordt besluitvorming door de overheden voorbereid?

Er is door de overheden (Rijk, provincie en gemeenten) een stuurgroep ingericht waarin de bestuurders van de verschillende overheden zitting hebben. De overheden stemmen hun verschillende posities af in de stuurgroep en zorgen ervoor dat de besluitvorming door de verschillende overheden op elkaar is afgestemd.

Wat is een inpassingsplan?

De tracés en locaties van bijvoorbeeld hoogspanningsleidingen, gasleidingen, elektriciteitscentrales en windmolenparken worden door de ministers van EZK en BZK  als bevoegd gezag vastgelegd in een zogenaamd inpassingsplan. Een inpassingsplan gaat deel uitmaken van het onderliggende bestemmingsplan

Op welke manier heb ik inspraak bij de procedure omtrent Windplanblauw

Het  ministerie van EZK coördineert de vergunningsprocedure en zorgt voor de ter inzage legging van alle relevante besluiten omtrent de windparken. In eerste instantie worden er ontwerpbesluiten genomen en kan iedereen d.m.v. een zienswijze zijn of haar mening geven over de verschillende besluiten. De verschillende bevoegde gezaginstanties betrekken deze zienswijzen bij hun definitieve besluitvorming. Vervolgens kunnen bezwaarmakers nog naar de Raad van State die uiteindelijk het laatste woord heeft.

Wat is een voorkeursalternatief en wat is de stand van zaken /status van het voorkeursalternatief?

Het voorkeursalternatief is de beoogde opstelling van het windpark. Hierover is een bestuurlijk akkoord, dat wil zeggen dat initiatiefnemers en overheden overeenstemming hebben over deze opstelling. Dit voorkeursalternatief wordt verwerkt in het voorontwerp Inpassingsplan wat wordt voorgelegd aan de betrokken overheden en andere belanghebbende instanties voor een reactie. Hierna wordt het aangepast in het Ontwerp Inpassingsplan wat ter inzage wordt gelegd samen met de ontwerp vergunningen. Tenslotte wordt naar aanleiding van de zienswijzen het definitieve Inpassingsplan opgesteld. Het beoogde voorkeursalternatief zoals dat er nu ligt is op basis van de huidige inzichten het beste alternatief, maar kan dus op basis van reacties, zienswijzen of eventuele knelpunten  in de komende maanden nog enigszins wijzigen

Wanneer is het mogelijk om in te spreken?

In april zullen het Ontwerp Inpassingsplan en de ontwerp vergunningen ter inzage gelegd worden voor een periode van 6 weken. In die periode zullen er ook weer informatieavonden georganiseerd worden om iedereen te informeren over de laatste stand van zaken. Zienswijzen op het Ontwerp Inpassingsplan en de ontwerp vergunningen kunnen schriftelijk ingediend worden en kunnen ook ter plekke tijdens informatieavonden ingediend worden.

Komt het er precies zo uit te zien als hoe wij het op de bijpraatsessie te zien hebben gekregen?

Het beoogde opstelling van het windpark zoals dat er nu ligt is op basis van de huidige inzichten het beste alternatief, maar kan dus op basis van reacties, zienswijzen of eventuele knelpunten  in de komende maanden nog enigszins wijzigen. Het is daarbij ook belangrijk te beseffen dat de plannen maximaal gedimensioneerd zijn ten behoeve van het milieuonderzoek. In dat onderzoek zijn namelijk de maximale effecten van het windpark onderzocht. Zo zijn de molens in het oostelijke deelgebied ontworpen op maximaal 250 meter. Of er uiteindelijk daadwerkelijk molens van 250 meter komen te staan is nog de vraag, dat hangt af van een aantal factoren. Hoger dan 250 meter kunnen de molens niet worden, wel lager.

Hoe ziet het vervolgproces eruit?

Na het vaststellen van een voorkeursalternatief wordt het Rijks Inpassingsplan opgesteld. Het Inpassingsplan is een soort bestemmingsplan op rijksniveau. De eerstvolgende stap is het opstellen van het Voorontwerp Inpassingsplan wat wordt voorgelegd aan de betrokken overheden en andere belanghebbende instanties voor een reactie.  Hierna wordt het aangepast in het Ontwerp Inpassingsplan wat ter inzage wordt gelegd. Parallel aan het opstellen van het Inpassingsplan worden de ontwerpvergunningen die nodig zijn voor het windpark opgesteld. Zowel het Ontwerp IP als de ontwerp vergunningen worden dan ter inzage gelegd. Hierop kan iedereen een zienswijze indienen. Dit zal in april 2018 gebeuren. Daarna zal het Inpassingsplan -als de zienswijzen daartoe aanleiding geven- aangepast worden in een definitief Inpassingsplan. Dit zal naar verwachting in het najaar van 2018 zijn.

Wat zijn de duurzame doelstellingen van de overheid?

Om de kabinetsdoelstellingen van 14% duurzame energie in 2020 te halen en 16% in 2023, moeten we flink aan de slag. In 2016 was van onze totale energieproductie ongeveer 6% duurzaam. Dat betekent dat we van alle beschikbare duurzame energiebronnen gebruik moeten maken, dus naast wind ook van zon, water en aardwarmte. Windenergie, opgewekt met windturbines, is voor Nederland, als land waar het veel en hard waait, de meest efficiënte en goedkoopste vorm van duurzame energie.Windenergie kunnen we zelf produceren. Het is schoon en goedkoop en maakt ons minder afhankelijk van gas, kernenergie en kolen uit andere landen.

Verandert er iets met de nieuwe regering?

Ja, De inspanningen op het gebied van duurzame energie worden geïntensiveerd. Het nieuwe kabinet maakt serieus werk van het internationale klimaatakkoord van Parijs. De nieuwe regering wil milieudoelen zoals het terugbrengen van de CO2-uitstoot verankeren in een klimaatwet. Alle vormen van duurzame energie –en dus ook de inzet van windenergie- zijn nodig om de ambitieuze doelstellingen van het nieuwe  kabinet waar te maken.

Is windenergie duurder dan andere vormen van duurzame energie?

Nee, windenergie op land is op dit moment de goedkoopste vorm van duurzame energie. Voor zonne-energie en andere vormen van duurzame energie moet de overheid meer subsidie per kWh beschikbaar stellen om ook deze vormen rendabel te kunnen maken. Overigens is het lastig om energievormen eerlijk te vergelijken, omdat ‘schone energieopwekking’ niet wordt beloond t.o.v. vervuilende opwekking.

Hoe werkt subsidie op duurzame energie?

De kostprijs van windenergie is op dit moment nog iets hoger dan de prijs, die ervoor wordt betaald op de energiemarkt. De overheid stelt subsidie beschikbaar om dit verschil te overbruggen. Een subsidie op basis van de Stimuleringsregeling Duurzame Energie (SDE) vult het verschil aan; voor een maximaal aantal kWh en een periode van maximaal 15 jaar.

Waarom staan windturbines soms stil?

Er zijn verschillende redenen waarom windturbines soms niet draaien. Als het niet of nauwelijks waait, draait de turbine niet. En soms is er bij langdurige harde wind sprake van overbelasting van het landelijk energienet en worden er helaas windparken stil gezet. Als het te hard stormt (vanaf windkracht 10) staan de meeste windturbines uit veiligheidsoverwegingen stil. Windturbines zijn niet ontworpen voor dergelijke hoge windsnelheden. Overigens zijn er steeds meer nieuwe typen die dan wél kunnen doordraaien. Een turbine kan ook stilstaan vanwege onderhoud. De meeste moderne windturbines draaien echter 95% van de tijd bij voldoende wind. Oudere windturbines zullen iets vaker stilstaan omdat zij meer onderhoud nodig hebben door hun leeftijd en door hun ontwerp

Hebben windparken effect op de gezondheid?

Voor directe effecten van windturbines op de gezondheid is geen bewijs, blijkt uit onderzoek. Sommige mensen ervaren hinder (zoals irritatie, boosheid en onbehagen) als zij het gevoel hebben dat hun omgevings- of levenskwaliteit verslechtert door de plaatsing van windturbines, waardoor gezondheidsklachten kunnen ontstaan.

Hoe zit het met de straling van windturbines?

Windturbines veroorzaken geen nadelen voor de volksgezondheid door elektromagnetische velden. Het elektromagnetisch proces dat zich in een turbine afspeelt, is precies hetzelfde als in ieder elektrisch apparaat.

Het wetenschappelijke standpunt is dat windturbines geen schadelijke elektromagnetische straling uitzenden. Wel is er veel onderzoek gedaan naar de elektromagnetische straling van onder andere elektriciteitscentrales en hoogspanningsleidingen. Ook hiervan is nooit aangetoond dat ze enig effect hebben op de gezondheid.

Hoe waarborgen jullie de veiligheid?

Elke type windturbine moet een certificaat hebben waaruit blijkt dat voldaan wordt aan de internationale ontwerpnorm voor windturbines. Deze IEC 61400-1 norm gaat onder andere over de veiligheid van een windturbine. Onderdeel van de norm betreft het beoordelen of een windturbine bestand is tegen extreme weersomstandigheden (hoge windsnelheden, windstoten). Veiligheid speelt een belangrijke rol in de gehele ontwikkeling, bouw en beheer van een windturbine.

Hoe zit het met ijsvorming op de bladen, dat valt er toch af als ze draaien?

Door vernieuwde sensor techniek is ijs aangroei door draaiende windturbines te voorkomen, het sporadisch aangroeien door ijsregen uiteraard niet. Met de huidige ervaring is het risico te minimaliseren dat er geen ongecontroleerde ijs val plaats vindt. In bijzondere omstandigheden kunnen windturbines worden voorzien van een speciale sensor, waardoor de windturbine stilgezet wordt bij ijsvorming

Wat is de recente geschiedenis van windenergie in Flevoland?

Ondanks het succes van de windenergie in Flevoland, besloot het provinciebestuur in 2005 om een bouwstop op windmolens af te kondigen. Het enthousiasme bij vooral agrarische ondernemers mondde uit in een wildgroei die ten koste ging van het landschap. De provincie koos in het integrale Omgevingsplan uit 2006 voor een strategie van ‘opschalen en saneren’. Nieuwe plannen voor windparken moesten aan een aantal voorwaarden voldoen, om uitgezonderd te kunnen worden van de bouwstop.

Wat is het Regioplan Windenergie?

Het Regioplan Windenergie heeft de formele status van een provinciale en intergemeentelijke structuurvisie volgens de Wet ruimtelijke ordening (Wro). In het Regioplan presenteren de provincie Flevoland en de gemeenten Dronten, Lelystad en Zeewolde het windenergiebeleid voor het grootste deel van het grondgebied van de drie gemeenten en een klein deel van het grondgebied van Almere: de hoek tussen de A27 en de N305. Het is een gebiedsgerichte uitwerking van de strategie ‘opschalen en saneren’, die in de hele provincie geldt.

Waar kan ik het Regioplan Windenergie vinden?

Het regioplan kan worden gedownload van de WEB-site van de Provincie Flevoland: https://www.flevoland.nl/Wat-doen-we/Energie/Windenergie

Wat is de kern van de aanpak in het Regioplan?

Het gebied waarbinnen dit Regioplan Windenergie geldt, is verdeeld over vier projectgebieden. Deze gebieden vormen elk een ruimtelijke en landschappelijke eenheid, waarbinnen het organiserend vermogen aanwezig is of kan worden ontwikkeld om de nieuwbouw en de sanering in samenhang uit te voeren. Per projectgebied worden alle nieuwbouw en daaraan verbonden sanering dan ook in één project bijeen gebracht; een tweede project (gelijktijdig of volgtijdelijk) is uitgesloten.

In elk projectgebied neemt één initiatiefnemer de verantwoordelijkheid op zich voor zowel de nieuwbouw als de daaraan verbonden sanering. In het noordwestelijke gebied is dit Windplanblauw.

Wat zijn de gevolgen van een windpark voor flora en fauna?

Bij het bepalen of een beoogde locatie voor windturbines ook daadwerkelijk geschikt is, wordt een milieueffectrapportage opgesteld. Daarbij wordt o.a. onderzocht wat de effecten op de flora en fauna zijn, zodat de provincie daar bij de verlening van de vergunning in het kader van de Wet Natuurbescherming  rekening mee kan houden.

En hoe wordt daar vervolgens rekening mee gehouden bij de aanleg van het windpark?

Indien er sprake is van beperkingen o.b.v. de wet Natuurbescherming, dan zullen die beperkingen door de Provincie in de bouwfase en de beheerfase worden opgelegd en uitgevoerd. Dat zou kunnen zijn het stilzetten van de turbines op een moment waarop er veel vleermuizen in de buurt zijn.

Er worden toch heel veel vogels gedood, omdat ze tegen de draaiende wieken aanvliegen?

Recent Canadees onderzoek (studie van Environment Canada, publicatie nov 2013) toont aan dat van de 270 miljoen vogels die jaarlijks sterven door mens-gerelateerde activiteiten, windturbines verantwoordelijk zijn voor 0,007%. De meeste vogels worden nog steeds gedood door katten.

Wat is een beeldkwaliteitsplan?

Door Lelystad en Dronten is een gezamenlijk beeldkwaliteitsplan opgesteld. Hierin zijn ontwerpprincipes en een aantal maatwerkoplossingen vastgelegd voor de windmolenopstellingen en bijbehorende voorzieningen, waaraan kan worden getoetst en waarmee ontwerpvoorstellen kunnen worden ontwikkeld.. De ontwerpprincipes hebben als doel om orde en structuur aan te brengen in windmolenopstellingen, zodat ze afzonderlijk herkenbaar zijn, wat een rustig beeld oplevert.

Wat houdt de landschappelijke beoordeling in?

Het Kwaliteitsteam Wind beoordeelt of een plan aan de ontwerpprincipes uit het beeldkwaliteitsplan voldoet. Als er afwijkingen zijn wordt in de geest van het hoofduitgangspunt beoordeelt of dit toelaatbaar of ongewenst is vanuit landschap en beleving.

Wat is de rol van het Kwaliteitsteam?

Het Kwaliteitsteam is al vroegtijdig in het ontwerp proces betrokken en toetst en inspireert met behulp van de ontwerpprincipes en denkt mee over oplossingen. Het kwaliteitsteam geeft een advies aan het bestuur tijdens het proces over de verschillende producten( VKA. MER, voIP en oIP). Uiteindelijk geeft zij een definitief advies aan  het bestuur van de gemeenten, die meeweegt bij het  verlenen van de vergunning.

Heeft uitstel van de opening van Lelystad Airport gevolgen voor Windplanblauw?

Nee, wij voeren regulier overleg met de luchtvaartsector en het Rijk over de invloed van Lelystad Airport op Windplanblauw en vice versa. Op dit moment is er geen reden om aan te nemen dat uitstel van de opening van het vliegveld gevolgen heeft voor Windplanblauw.

Wat staat er in het advies?

De commissie voor de m.e.r. adviseert in het definitieve MER in ieder geval nog het volgende uit te werken:

  • de alternatieve plaatsingszones: maak duidelijk in hoeverre deze zones keuzeruimte bieden om andere milieuafwegingen te maken, bijvoorbeeld vanwege natuurgevolgen;
  • opstellingsvarianten: een beschrijving van de gemaakte afwegingen en optimalisaties bij de keuzes van turbineposities en een extra opstellingsvariant voor de locatie Swifterbos waarbij de turbines buiten het bos geplaatst worden;
  • natuurinformatie: er is op een aantal punten nog geen zekerheid dat het plan in deze vorm uitvoerbaar is binnen de natuurwetgeving;
  • scheepvaartveiligheid: risico’s op ‘schip-schip’-aanvaringen en voor kleinere schepen;
  • mogelijkheden om lichthinder van het windpark tegen te gaan;
  • geluid- en slagschaduwhinder: de noodzakelijke maatregelen om – ook in het VKA – te veel hinder tegen te gaan zijn nog niet beschreven of/dan wel doorgerekend.

Als ik dit als leek lees, dan denk ik wel: is het huiswerk wel goed gemaakt? Waarom hebben jullie niet meteen alles goed aangeleverd?

De Commissie voor de m.e.r. baseert haar advies op basis van een concept rapport. Niet alle onderzoeken zijn op dit moment afgerond. De ministers hebben dit advies gevraagd om nu al scherp te krijgen wat er nog precies moet gebeuren. De commissie concludeert logischerwijs dat op dit moment het milieu effecten rapport dan ook nog niet volledig is om deze mee te nemen in de besluitvorming. Wel geeft de commissie in het advies richting aan de onderzoeken die nog moeten worden afgerond.

Wie is verantwoordelijk voor de MER?

De initiatiefnemers, SwifterwinT en Nuon zijn opdrachtgever van het MER. De ministeries van Economische Zaken en Klimaat én Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gebruiken het MER om de effecten van het windpark in beeld te krijgen voor besluitvorming. De onafhankelijke commissie voor de m.e.r. beschouwt daarbij of het MER voldoet en er bij besluitvorming door de ministeries goede en juiste informatie voorhanden is.

Het lijkt erop alsof jullie opnieuw naar de tekentafel moeten. Klopt dat?

Nee, aan het ontwerp en de keuze voor het voorkeursalternatief hoeft niets te veranderen. Wel moeten wij de gemaakte afwegingen en optimalisaties bij de keuzes voor turbineopstellingen verder uitwerken en beschrijven.

Wat betekenen deze punten?

Het advies van de commissie voor de m.e.r. is een tussentijds advies. Het advies betekent voor ons dat wij het onderzoeksbureau dat het MER schrijft zullen vragen de aangedragen punten verder uit te werken.

Wat betekent sowieso de uitkomst van dit rapport voor de planning?

Dit advies heeft geen gevolgen voor de planning. Een dergelijk voorlopig advies is voorzien in het proces. Een MER dient aan alle eisen te voldoen om de basis te kunnen vormen voor besluitvorming over in dit geval Windplan Blauw.

Wat vinden jullie van dit rapport?

Wij vinden het belangrijk dat de ministers straks een goed onderbouwde beslissing kunnen nemen. Wij gaan er vanuit dat alle informatie beschikbaar is en dat met verdere uitwerking en afronding van het MER het definitieve rapport straks een goede basis vormt voor besluitvorming.

Wat als de informatie dan nog steeds onvoldoende blijkt te zijn?

Zonder solide beschrijving van de effecten van Windplanblauw zullen de ministers van Economische Zaken en Klimaat en Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties geen beslissing kunnen nemen over de komst van het windpark. Wij zullen er uiteraard voor zorgen dat alle aspecten bekeken worden en hebben er vertrouwen op dat dit op een goede manier gevolg zal krijgen.